“Van mij mag het gesloopt worden”

Tijdens de rommelmarkt Zuid Rommelt vroegen wij bezoekers: uit welk jaar stamt deze oude foto van de Zuiderpassage? Alles kwam voorbij, van 1955 tot 1988. Maar er was uiteraard maar een goed antwoord: 1960. Trude Baert (1945) was een van deze wijze mensen die het bij het juiste eind hadden.

“Ik was 12 jaar toen ik in 1957 met mijn ouders en vier broertjes op Zuid kwam wonen. Sindsdien ben ik er nooit vertrokken. Ik ken de wijk dus vanaf het begin af aan. Veel huizen heb ik hier opgebouwd zien worden.

Ook de komst van de Zuiderpassage heb ik meegemaakt. Heb er zelfs gewerkt. Toen ik vijftien was, kreeg ik een vakantiebaantje bij schoenenwinkel Kramer. Daar heb ik het erg naar mijn zin gehad. In de wijk woonden veel jonge gezinnen, dus er kwamen veel kleine kinderen langs.

Toen ik ging werken bij Justitie als administratief medewerker moest ik helaas mijn ontslag indienen bij de schoenenwinkel. Het was voor ambtelijk personeel niet toegestaan om bijbaantjes te hebben.

“Ik kan me niet heugen wanneer ik er voor het laatst een winkel heb bezocht.”

Ik kwam vroeger dus regelmatig in het winkelcentrum. Nu kom ik er bijna nooit meer. Ja, met de rommelmarkt ben ik er nog geweest, maar ik kan me niet heugen wanneer ik er voor het laatst een winkel heb bezocht.

Het ging bergafwaarts voor de Zuiderpassage toen de apotheek verhuisde naar de Pettelaarseweg, evenals Ben van Sleeuwen. Daarnaast kwam er een grote supermarkt in dat nieuwe winkelgebied. De burgemeester en enkele wethouders woonden toentertijd in dat gedeelte van de wijk, die wilden de winkels wel dichtbij huis hebben. Zo ging dat in die tijd.

“Nu is het een en al speciaalzaak of afhaalrestaurant.”

De komst van de Lambooijbrug heeft ook niet geholpen. Wij hebben daar nog tegen geprotesteerd, en wilden de brug juist verderop hebben in het verlengde van de Gestelseweg. De huidige plek is niet logisch en niet veilig. Maar er werd niet geluisterd.

Het is jammer dat de Zuiderpassage er nu zo troosteloos bij staat. Zeker voor die bejaardenwoningen. Die mensen hadden de winkels voor hun dagelijkse boodschappen direct voor de deur zitten. Nu is het een en al speciaalzaak of afhaalrestaurant. Het is niks meer. Van mij mag het gesloopt worden.”