Kabeljauw met graat

De drukte van de middaglunch is net voorbij of visverkoper Kees Kuijt (1964) is al weer bezig met de mise-en-place voor de avond. Vanuit zijn kraam wijst hij naar het glazen kantoorpand van de Passage in de Zuiderpassage. “Daar had ik ook wel willen zitten. Nee, niet met mijn vis. Als financieel adviseur.”

Al bijna zijn hele carrière werkte Kees in de financiële sector. Rabobank, Aegon, Fortis, de belastingdienst. Hij heeft het allemaal gezien. “Mijn specialisme? Hypotheken en pensioenen.” De crisis dwong hem om een nieuwe stap te zetten.

“Ik had het zelf niet door, maar ik riep blijkbaar al jaren tegen mijn oud-collega’s dat ik graag nog eens vis wilde verkopen. Ik ben Katwijker, dus het zit ook wel in mijn bloed. Mijn vader was weliswaar timmerman, maar mijn opa had ooit zijn eigen kotter.”

Kees dook in het diepe. Hij kocht een kar en een breed assortiment vis in en parkeerde zijn kraam op diverse plekken in de stad die hij goed leerde kennen tijdens zijn vorige carrière in het bankwezen: Den Bosch. Waaronder elke donderdag bij de Zuiderpassage, op de parkeerplaats aan de Zuiderparkweg. De eerste dag had hij nog hulp van een ervaren visverkoper, vanaf dag twee deed hij het helemaal alleen.

Kees vergat eens de frituur af te sluiten.

Opstartproblemen
“Dat was wellicht een beetje, ja, dom”, lacht hij. Kees vergat eens de frituur af te sluiten. “Dan reed ik terug naar de schuur waar mijn kraam gestald staat. Kwam ik daar aan, zat heel mijn wagen onder de olie. Hetzelfde overkwam me ook met het beslag van de kibbeling.”

Het fileren van de vis had hij niet meteen onder de knie. “Bij kabeljauw moet je het graat van de vis eerst verwijderen, daarna snijd je ‘m in stukken. Het staartstuk en de kop eraf. Mijn klanten kregen die vis gewoon in stukken mee, het graat er nog in.”

Inmiddels staat Kees in zijn kraam alsof hij nooit anders deed. Op maandag koopt hij zijn vis in en bereidt hij zich voor. Elke dinsdag reist hij vanuit Katwijk naar het zuiden, om daar zijn wagen te prepareren. Tot en met vrijdag staat hij bij de Bossche winkelcentra. De nachten brengt hij door in bed & breakfasts in Den Bosch en Engelen.

Druk bestaan
“Het is hard werken hoor. Ik geniet er heel erg van als ik sta te verkopen, maar het is een heel karwei om daarvoor alles in orde te brengen. Schoonmaken, vis inkopen. En als je een mankement hebt met bijvoorbeeld de koeling, dan sta je tot diep in de avond te klussen aan je wagen.”

Daarnaast heeft Kees te maken met een hoge inkoopprijs. Die is, sinds hij met de verkoop van vis is begonnen, flink gestegen. “Mensen denken vaak dat ik hiermee rijk wordt, maar dat valt tegen hoor. Is je apparatuur stuk, dan krijg je ook nog eens een enorme rekening voor de kiezen.” Hij zou het liefst zijn viskraam en het werk als financieel adviseur willen combineren, maar dat is niet mogelijk. “Je kunt niet parttime vis verkopen. Dat red je niet.”

“Toen ik jong was, had ik nog de droom om schipper te worden op zo’n grote tanker.”

Katwijk
In de weekenden komt Kees tot rust in zijn vertrouwde Katwijk. Daar geniet hij van zijn gezin, de zee, de duinen en de hechte gemeenschap.“Katwijk is een bijzonder plaats voor mij. En voor mij niet alleen. Veel Katwijkers blijven er hun hele leven wonen. Het is niet voor niets dat de huizenprijzen er zo hoog zijn; er is meer vraag dan aanbod.”

In zijn bootje vaart hij regelmatig de zee op om te gaan sportvissen. Dan vist hij op platvis, kabeljauw, zeebaars, makreel. “En soms vang ik dan nog wel eens iets, dat ik hier weer kan verkopen. Daarnaast vind ik het gewoon erg mooi om te varen. Toen ik jong was, had ik nog de droom om schipper te worden op zo’n grote tanker. Ik heb nu wel spijt dat ik daar nooit aan begonnen ben.”

Kees heeft eigenlijk niet genoeg aan een mensenleven. “Weet je wat ik ook graag zou willen worden? Pastoraal medewerker. Als adviseur had ik ook soms de rol als sociaal dienstverlener, dat deed ik erg graag. En dan doe ik ook iets waardevols met mijn geloof. Ach, wie weet. Als ik dadelijk met pensioen ga.”