Bram moest alles opnieuw leren

In 1999 stak Bram Brantjes een zebrapad over. De auto van links zag hem wel. De auto van rechts niet en reed met 50 kilometer per uur door. “Ik was zo goed als dood. Na acht maanden was ik er weer.” Als voormalig directeur met een zeventigurige werkweek, moest hij op zoek naar iets nieuws.

Bram Brantjes (1958)

Woont sinds 2014 in de Zuiderpassage.

Is voorzitter van de VVE.

Bram woont – naar eigen zeggen – in het mooiste appartement van de Zuiderpassage.

Op zeventienjarige leeftijd begon Bram als poetser van auto’s. Hij klom al snel binnen het bedrijf op van automonteur tot receptionist en uiteindelijk verkoper. Tot hij op een dag een auto naar een klant toe reed en in het water belandde, om een frontale botsing te voorkomen. Bram kwam er heelhuids uit. Hij verkocht de betreffende klant later een andere auto, maar de provisie kon hij van zijn werkgever vergeten. “Dat was gewoon diefstal, dus ik heb per direct ontslag genomen.”

Bram vervolgde zijn carrière in de kunststof. Eerst werkte hij zich op tot directeur binnen een familiebedrijf dat kunststofproducten en straatverlichting maakte. Daarna kwam hij terecht in de productie en handel van plastic mapjes om vervolgens een bedrijf te starten dat gespecialiseerd was in interieurluchtfilters voor auto’s. Om de lucht die binnenkomt via de blower te filteren.

“Je plast je broek vol, niks heb je onder controle.”

“En toen stak ik het zebrapad over”, vertelt Bram nuchter. Bram trekt twee lijnen over zijn schedel. “Mijn hoofd was kapot gescheurd, zo en zo. Niets werkte daar meer. Alles wat je als mens kunt, moest ik daarna opnieuw leren. Je plast je broek vol, niks heb je onder controle.”

Revalideren
Tien dagen ligt Bram in coma op de intensive care in Tilburg. Zijn herinneringen beginnen weer bij het transport naar het revalidatiecentrum in Rotterdam. Ongeveer 8 maanden later was hij er weer. In die tijd heeft Bram leren lopen, praten, kijken en denken.

De revalidatie nam hij deels in eigen handen. “Een revalidatiecentrum is gebouwd om mensen zielig te houden. Ik kreeg 1 uur fysiotherapie per week. 1 uur fysiotherapie?! Fout! Elke dag fysiotherapie. Ik moest weer opknappen.” De behandelaars wilden het rustiger aandoen en zagen niet in dat Bram volledig kon herstellen.

Toen hij weer kon lopen – zij het met krukken – vloog Bram bij zijn arts binnen. Hij vertelde hem dat hij naar huis ging. De arts wilde hem niet zomaar laten gaan. Bram werd kwaad: “O nee? ik bel een taxi en morgen ben ik weg, meneer!” Terug in zijn appartement in Breda klopte Bram aan bij de sportschool om de hoek. Hij vroeg de fysiotherapeut om behandeling. “Elke dag van de week, tot ik niet meer kan. Ik moet nog net naar huis kunnen.”

Toen Bram weer ter been was, wilde hij terug aan de gang bij zijn bedrijf. Zijn hoofd werkte echter niet meer mee. Het denken ging niet snel genoeg. “Ik wist niet wat te zeggen als ik voor een probleem werd gesteld.” Hij nam afstand van het bedrijf en verkocht zijn aandeel aan zijn compagnon. 

Buddy
Na een avontuur op Madeira – waar hij vakantiehuisjes bouwde en exploiteerde – ging Bram op zoek naar iets geheel nieuws: vrijwilligerswerk. “Ik ben toen buddy geworden voor een aantal mensen. Soms zijn ze schizofreen, soms eenzaam. Nu staat een van mijn klanten op het punt van sterven. Die probeer ik het zonlicht te laten zien.”

Bram is sinds die tijd continu buddy voor drie verschillende personen. Per persoon is hij daar zo’n zes uur per week mee bezig. “Ik ga niet bij die mensen thuiszitten en niets doen. Ik wil de deur uit; koffie drinken, ergens naar toe. In de zomer ben ik gaan varen met die mensen in mijn sloepje. Ze doen anders veel te weinig leuke dingen.”

“Ik kijk niet meer terug naar die tijd, dat is voorbij. Einde verhaal, volgende stap.”

Daarnaast is Bram nu voorzitter van de vereniging van eigenaren van de Zuiderpassage. Hij organiseert zo’n zes keer per jaar een laagdrempelig wijkdiner, met name bedoeld voor de eenzame buurtbewoners of mensen met een smalle beurs. Tenslotte zit hij ook nog in een commissie die de gemeente adviseert over aanvragen van de buurt. Als iemand bijvoorbeeld op het pleintje voor zijn huis een schommel wil hebben dan bekijkt Bram die aanvraag.

Tevreden
Omkijken naar zijn tijd als zakenman doet Bram niet. Hij gaat nog wel eens terug naar de zaak en probeert ze dan te helpen als ze met een probleem zitten.  “Maar het vrijwilligerswerk wat ik nu doe, houdt me tevreden. En wat ik toen deed, hield me toen tevreden. En dat is het belangrijkste, maakt niet uit met welk resultaat.”

“Ik kijk niet meer terug naar die tijd, dat is voorbij. Einde verhaal, volgende stap. Het leven is lopen. Je kunt linksaf, rechtsaf, rechtdoor, achteruit. Als je dan al honderd meter rechtsaf bent gelopen, moet je ook niet zeggen: ‘nou had ik toch linksaf gemoeten’.”