Het verhaal van het muurmozaïek

Wie vanaf de voorkant het binnenplein op loopt ziet het niet: het mozaïek dat precies in het midden van de passage de muur siert. Dit soort mozaïeken zien we vaker bij gebouwen uit de naoorlogse periode. Ook vóór de oorlog gebruikt men dit soort kunsttechnieken al om gebouwen en openbare plekken aan te kleden. Maar in de architectuur van de wederopbouw zien we ze wel opvallend vaak.

Vanaf 1954 voert de overheid een landelijke percentageregeling in, waarbij scholen en openbare gebouwen aangekleed worden met kunst.Eén procent van de bouwsom bij overheidsgebouwen ging naar beeldende kunst. Dat vond navolging bij particuliere bouw.

Het mozaïek in de Zuiderpassage is alleen te zien voor wie op het binnenterrein loopt. Dat past bij het oorspronkelijke idee van de passage. Voorbijgangers moesten door het vele glas en de doorgangetjes naar binnen gelokt worden. Eenmaal binnen trof men veel groen en een grote fontein. Vanaf de binnenplaats waren alle winkels te betreden: die hadden hun toegangsdeuren allemaal aan de binnenplaats zitten.

De kunstenaar van het muurmozaïek in de Zuiderpassage is onbekend. Het tafereel doet bijbels aan met de aanwezigheid van de vissen en de duiven. Het grootst zijn de personen die elkaar vast lijken te houden, als in een minipolonaise. Opvallend is de drie-eenheid: drie vissen, drie vogels, drie personen.