Welkom bij: de Passage

Een blog van, over en voor de Zuiderpassage. Wie wonen en werken er in het winkelcentrum? Welke verhalen gaan er schuil achter de gevels, aan de grond en in de hoogte?

Kabeljauw met graat

De drukte van de middaglunch is net voorbij of visverkoper Kees Kuijt (1964) is al weer bezig met de mise-en-place voor de avond. Vanuit zijn kraam wijst hij naar het glazen kantoorpand van de Passage in de Zuiderpassage. “Daar had ik ook wel willen zitten. Nee, niet met mijn vis. Als financieel adviseur.”

Foto turen

Er werd gedubd, gesproken, getwijfeld, gewikt en gewogen. Er waren tientallen gokjes, die van ‘ik doe maar wat’ tot ‘zeker weten’ gingen. Er werden mensen herkend op de foto. Een broer van een bezoekster bleek bij de fontein te zitten. Er waren er die meerdere keren terugkwamen om hun inzending aan te passen.

De laatste passage

Er staat een meisje op het blauwe bankje. Met haar handen in de zakken van een groezelige, groenbruine overall kijkt ze om zich heen. De zon is bijna achter de daken verdwenen maar laat nog een paar stralen op haar rode haar vallen, waardoor ze een beetje op een toorts lijkt. Ze is ongeveer net zo oud als ik, denk ik. Dertien. Veertien?

Het verhaal van het muurmozaïek

Wie vanaf de voorkant het binnenplein op loopt ziet het niet: het mozaïek dat precies in het midden van de passage de muur siert. Dit soort mozaïeken zien we vaker bij gebouwen uit de naoorlogse periode. Ook vóór de oorlog gebruikt men dit soort kunsttechnieken al om gebouwen en openbare plekken aan te kleden. Maar in de architectuur van de wederopbouw zien we ze wel opvallend vaak.

Rondleiding door de Zuiderpassage

Verdachte steentjes. Dat zijn het. Wies van Leeuwen tast, bekijkt, wrijft en peutert. Hij wijst: “Kijk, daar, zie je die scheur? En die systeemplafonds? Of die dikke houten kozijnen? Die zijn dus niet origineel.” We maken een wandeling met een kenner op het gebied van cultuurhistorie en architectuurgeschiedenis.

Een strontje speciaal, alsjeblieft

Ach ja, die tijd dat alles voor schut is. Dat je niet per se op de grapjes van je ouders zit te wachten. En dat het leven al moeilijk genoeg is zonder al die goedbedoelde humor. Die tijd. Die van worstelende pubers. Van zoveel zelfbewustzijn dat je er naar van wordt. De tijd waar we nu opgelucht om lachen. Vooral omdat we weten: die komt gelukkig nooit meer terug. Als Remke Reuser (1974) langs de Zuiderpassage loopt denkt ze dat héél vaak. 

Pauly zoekt een opvolger

Gezocht: nieuwe eigenaar voor café Lohengrin. Met cafésituatie op de begane grond en een compleet geïsoleerde kelder voor live muziek. Meerdere toiletgroepen aanwezig, evenals een rokerscabine. Er zijn uitstekende mogelijkheden voor een ruim terras op het zuiden. Huidige uitbater Pauly da Silva is 65 jaar geworden; een mooi moment om de fakkel over te dragen. “Het zou zonde zijn als dit zomaar vergaat.”

Leven in volledige vrijheid

Peter Koene kocht ooit bij Keser in de Zuiderpassage zijn favoriete bureaustoel. De kunstenaar is er zuinig op. “Mooi? Nee, echt mooi is hij niet. Maar daarvoor heb ik hem ook niet gekocht.”

Bram moest alles opnieuw leren

In 1999 stak Bram Brantjes een zebrapad over. De auto van links zag hem wel. De auto van rechts niet en reed met 50 kilometer per uur door. “Ik was zo goed als dood. Na acht maanden was ik er weer.” Als voormalig directeur met een zeventigurige werkweek, moest hij op zoek naar iets nieuws.